In het kader van zelfontwikkeling en dergelijke heb ik dit jaar oliebollen en beignets leren bakken van mijn schoonmoeder. Weer iets wat ik kan afstrepen van de lijst met dingen die ik ineens moet kunnen van mijzelf sinds ik kinderen heb. Ik vrees dat ik ze nu voortaan zelf zal moeten gaan bakken en dat doet natuurlijk wel een beetje afbreuk aan mijn imago als mislukte huisvrouw maar vooruit, dan kunnen de jongens later wel rondbazuinen dat hun moeder ze tenminste zelf nog bakte.

Op zichzelf heeft het hele proces van oliebollen bakken wel iets symbolisch als het gaat om ondernemen. Je hebt een bepaald idee over hoe je oliebol eruit moet komen te zien, hoe hij moet smaken en of hij droog of vet moet zijn. En op basis daarvan tief je een stuk of wat ingrediënten in een kom in een bepaalde verhouding, al dan niet gedicteerd door een beproefd recept, en begin je met mengen. Maar of het de juiste ingrediënten zijn en of de verhoudingen kloppen is nauwelijks te controleren in deze fase. Hooguit kun je concluderen dat het beslag wat dun oogt, of wat dik. Maar zelfs dat kun je niet met zekerheid zeggen.

Oliebollen

Het eindresultaat

Daarna is het afwachten geblazen want hé, de boel moet eerst rijzen. Terwijl jij nog maar eens een kop koffie zet zie je het beslag langzaam groeien en groeien. Hoopvol, dat wel. Maar het lijkt in de verste verte nog niet op wat het moet gaan worden.

Tijd om te gaan bakken. In een bitterkoude schuur mag je gaan goochelen met twee lepels om te ontdekken wat nu eigenlijk de juiste hoeveelheid beslag is voor een middelgrote bol, en hoe bruin je ze moet bakken voor de perfecte gaarheid. Sommige dingen kun je nu eenmaal niet uit een boekje leren. Met een beetje mazzel drijft er ineens een perfect ronde oliebol in het vet, maar veel vaker zitten er knobbels en tentakels aan waar je van te voren geen rekening mee had gehouden. Afbreken? Of horen die imperfecties juist bij de ambachtelijke bol? En wat te doen met die krengen die vast komen te zitten op de bodem en die je van het verwarmingselement moet loswrikken met je schuimspaan?

En pas als dat allemaal voorbij is, als je al niet meer weet hoe het was toen je begon, toen alles nog schoon was en vetvrij, en de frituurlucht nog niet uit al je poriën kwam zetten, pas dan is er iets van een resultaat. Dan kun je eindelijk het eindproduct zien, proeven en ruiken en genieten van al je harde werk.

De bollen die ik dit jaar letterlijk uit het vet heb gevist waren heerlijk, precies goed. In die symbolische bollen stop ik volgend jaar iets meer rozijnen denk ik. Meer appel. En ach vooruit, ook nog wat sukade.

En jij? Zaten er genoeg krenten in het beslag dit jaar of streef je naar meer volgend jaar? Laat het mij weten in de comments.

Ik wens u in ieder geval een fantastisch 2015. Dat uw beslag maar goed mag rijzen en de bollen fantastisch zullen smaken.